Hoofdnavigatie
- Home
- Bestuur, raad en organisatie
- Jeugd en onderwijs
- Wonen en leefomgeving
- Zorg en welzijn
- Sport, recreatie en cultuur
- Ondernemen
- Projecten
De bodem van Amsterdam zit vol met overblijfselen uit het verleden. Dit is het archeologische erfgoed van de stad.
De bodem van Amsterdam zit vol met overblijfselen uit het verleden. Dit is het archeologische erfgoed van de stad.
In de bodem zitten losse voorwerpen of scherven maar ook allerlei structuren, zoals afval- en ophogingslagen, funderingen, kelders, beerputten, verdedigingsmuren of gedempte waterwegen. Al deze archeologische sporen zijn bijzonder omdat ze verbonden zijn met het dagelijkse leven vanaf het allereerste begin van de stad.
De ondergrond van Amsterdam herbergt een rijk bodemarchief dat tot het collectief geheugen van de stad en haar bewoners behoort. Het vormt de cultuurhistorische identiteit van de stad en iedere ingreep zonder onderzoek leidt tot onherstelbare schade aan de kennis van de geschiedenis van de stad. Doel van het archeologisch beleid is om het bodemarchief zo veel mogelijk in tact te laten. Is dit niet mogelijk, dan is beheer en documentatie van het stedelijk bodemarchief van het grootste belang.
Sinds 2007 is het archeologisch erfgoed beschermd dankzij de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (Wamz). Hierin is onder meer de bescherming van het archeologisch erfgoed in de bodem en de inpassing van archeologisch onderzoek in de ruimtelijke ontwikkeling geregeld. Gemeenten zijn nu verplicht bij de vaststelling van nieuwe bestemmingsplannen rekening te houden met archeologische waarden en verwachtingen. Dit gebeurt door de archeologische waardenkaart. Daaree kan in een vroeg stadium inzicht kan worden verkregen in de te verwachten archeologische waarden en zo ingespeeld worden op ruimtelijke ontwikkelingen. Daarnaast zijn de stadsdelen bevoegd om in hun erfgoedverordening eisen te stellen aan het doen van opgravingen en het betreden van terreinen in het belang van archeologisch onderzoek. Bureau Monumenten en Archeologie (BMA) fungeert als kenniscentrum voor het archeologisch erfgoed in Amsterdam. BMA beschikt over de benodigde expertise en wettelijk vereiste kwalificaties (Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, KNA) om de opgravingen te coördineren en uit te voeren.
Als u bouwt of ontwikkelt in Amsterdam kunt u te maken krijgen met archeologische vondsten. Bij bouwaanvragen of activiteiten waarbij de bodem verstoord wordt (dieper dan 50 cm onder maaiveld), is archeologische toetsing nodig. In het bestemmingsplan is geregeld of archeologisch onderzoek verplicht is. De aanvrager van de aanleg- en bouwvergunning is als bodemverstoorder verantwoordelijk voor het noodzakelijke archeologische programma en draagt hiervoor de kosten.
Archeologisch onderzoek loopt in verschillende stappen. De eerste stap is het Bureauonderzoek, dat BMA in opdracht van stadsdeel Centrum uitvoert. Dit onderzoek resulteert in een selectiebesluit. Hierin staat of er bij de bodemverstoring een Veldonderzoek nodig is. Voor een eventueel Veldonderzoek stelt BMA een Programma van Eisen op. Het stadsdeel adviseert om voor vragen over het noodzakelijke archeologische programma of voor algemene vragen over archeologie in Amsterdam contact op te nemen met BMA.